Homepage »
Projecten »
Fencing the Museum »Joris Lindhout - Interventie
13 Nov 2008
Wat kunst in de openbare ruimte lastig maakt voor de maker is de mate
van controle die je op de omgeving kan uitoefenen. In een museum of
galerie kan je de muren wit schilderen om de aandacht van de
toeschouwer volledig naar bijvoorbeeld het schilderij te leiden, op
straat is dat natuurlijk onmogelijk. Op straat is veel 'ruis' aanwezig
die samenvalt met het beeld wat je gemaakt hebt. Deze ruis veranderd
ook nog eens constant - denk bijvoorbeeld aan langsrijdend verkeer,
geparkeerde auto's en fietsen, maar op de lange termijn kan het ook
zijn dat het oude gebouw naast het kunstwerk vervangen wordt door een
nieuw futuristisch bouwsel. Dit heeft allemaal invloed op de manier
waarop een werk gelezen kan worden.
Waar je ook mee te maken hebt in de openbare ruimte is de afwezigheid
van suppoosten. Je hebt natuurlijk de politie, maar die hebben het al
druk met boeven vangen. Suppoostje spelen voor alle kunst in de
openbare ruimte zit er dus niet in. En dat is wat mij betreft ook
helemaal niet erg. Het schept mogelijkheden voor de door veel
kunstenaars en curatoren zo geprezen dialoog tussen maker en
toeschouwer. Vanuit zo'n dialoog krijgt een werk een extra laag, en
kan zelfs uitgroeien tot een geheel nieuw werk.
Een voorbeeld daarvan is bijvoorbeeld Who's afraid of red, yellow and
blue van Barnett Newman (dat hing dan wel nooit in de openbare ruimte,
maar dat mag de pret niet drukken).
Iemand met een diepe aversie tegen het schilderij uit deze gevoelens
door het doek met een mes te bewerken. Wat opvalt is dat dit soort
vandalisme voornamelijk bij moderne kunst voorkomt. Op mij komt dat
over als een statement, iets in de trant van 'Weg met het moderne
beeld! Lang leve de figuratie!'. Mijn punt is: deze actie vormt een
nieuwe laag toe aan het werk, wat bevestigd wordt door de poging die
vervolgens ondernomen wordt om het schilderij te restaureren (ze
hadden het ook gewoon weg kunnen gooien: einde verhaal). Het doek
wordt 'onherstelbaar gerestaureerd'. Alle fijne penseelstreken en
kleurnuances verdwijnen onder de roller van de restaurateur (wat
trouwens een ex-leerling van Newman was). Vervolgens wordt het werk
opnieuw tentoongesteld, met nog een extra toevoeging. Er is namelijk
een speciale installatie gemaakt door een kunstenaar welke er voor
moet zorgen dat de toeschouwers niet te dicht bij het schilderij
kunnen komen.
Zo begonnen we 40 jaar geleden met een abstract schilderij en zitten
we nu met een installatie.
In het werk wat ik maakte voor het project Fencing the Museum is ook
een nieuwe laag aangebracht. Met rode stift zijn de teksten op de
posters voorzien van aanvullingen, wijzigingen of commentaar door een
onbekende. Gevatte teksten die in veel gevallen ook echt wat toevoegen
(al was het maar een komische noot). Wellicht had u het werk al gezien
in zijn originele vorm; nu kunt u het nog eens bekijken in de ge-
update versie.
Met dank aan de onbekende kunstenaar.
Joris Lindhout
Reacties